Levensbeëindiging op verzoek bij patiënten met een psychische aandoening
Doelgroep
Deze richtlijn is voor psychiaters en andere artsen bij wie een verzoek tot levensbeëindiging wordt neergelegd door een patiënt op grond van een psychische aandoening.
Inhoud van de richtlijn
Deze richtlijn beoogt een actuele, zorgvuldige en bruikbare procedure te schetsen die invulling geeft aan de eis van grote behoedzaamheid op grond van de ter zake geldende medische, ethische en juridische normen en die implementeerbaar is in de hedendaagse medische praktijk. Een punt van aandacht betreft de verhouding tussen deze richtlijn en de EuthanasieCode van de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie. De eisen die in deze richtlijn worden gesteld aan het handelen van de arts voldoen in ieder geval aan de EuthanasieCode en gaan soms verder.
In de richtlijn komen de volgende onderwerpen aan de orde:
- Bespreken van het verzoek met de patiënt
- Besluit een verzoek tot levensbeëindiging te onderzoeken
- Second opinion door een onafhankelijke deskundige
- Betrekken van overige hulpverleners
- Bespreken van het verzoek met familie en naasten
- Toetsing van de vier wettelijke zorgvuldigheidscriteria (vrijwillig en weloverwogen verzoek, uitzichtloos en ondraaglijk lijden, bespreken van de situatie en vooruitzichten, geen redelijke andere oplossing)
- Beoordeling door onafhankelijk consulent
- Specifieke patiëntengroepen
- Uitvoering euthanasie en hulp bij zelfdoding
- Verslaglegging en melding
- Nazorg
Richtlijn
Levensbeëindiging op verzoek bij patiënten met een psychische aandoening